De zomer loopt ten einde, de dagen worden korter en donkerder. De autoverlichting moet daarom weer vaker aan. Helaas wordt hier niet altijd op de juiste wijze mee omgegaan. Vooral het verkeerd gebruik van mistlampen en verstralers blijkt vaak voor te komen en leidt tot hinder van en irritatie bij andere weggebruikers.
Of de twee lampen in de voorbumper mistlampen of verstralers zijn, kunt u checken via een code op de lamp. Bij code B en F is er sprake van een mistlamp. Ontbreekt de code, dan betreft het verstralers.
Omdat verkeerd gebruik van de autolampen afbreuk doet aan de verkeersveiligheid en u een boete kan opleveren, hebben wij hierbij de regelgeving met betrekking tot het gebruik van mistlampen en verstralers voor u op een rijtje gezet:
- Mistlampen mogen alleen gebruikt worden in combinatie met dimlicht.
- Mist kan worden ingedeeld in drie groepen:
- 200- 1000 meter zicht = mist
- 50 – 200 meter zicht = dichte mist
- minder dan 50 meter zicht = zeer dichte mist
- Alleen bij dichte en zeer dichte mist (dus 200 meter of minder zicht), hevige sneeuwval en zware regenbuien mag men de mistlampen aan de voorzijde van het voertuig gebruiken.
- Het gebruik van de mistlamp aan de achterzijde is alleen toegestaan bij zeer dichte mist (minder dan 50 meter zicht) en hevige sneeuwval. Bij regen is het nooit toegestaan om de mistachterlamp te gebruiken wegens de verblindende werking.
- Verstralers worden gezien als grootlicht en mogen alleen gevoerd worden als het donker is, er geen tegenliggers zijn en men niet dicht op de voorligger rijdt.
Aan de bovenstaande teksten kunnen geen rechten worden ontleend. |